Ik heb het vermoeden dat sommige van mijn lezertjes taalkundig nogal goed onderlegd zijn. Deze lezertjes wil ik nu (bij gebrek aan inspiratie wordt Rommelhok vandaag maar eens interactief) voorstellen samen met mij, naar aanleiding van het vorige postje, het volgende spelletje te spelen:
Formuleer in zo min mogelijk regels het fonologische mechanisme dat bepaalt of de onderdelen van een samengesteld woord van elkaar gescheiden worden door een tussenklank (bijv: paard + bloem = paardebloem maar aardappel + puree = aardappelpuree).
Uiteraard is het niet toegestaan in je verklaring gebruik te maken van de betekenis van de samenstellende woorden, zoals de Nederlandse Taalunie doet in dat flauwekulsysteem dat ze “de standaardspelling” noemen.
Hier is alvast een voorzetje:
- Als het eerste woord eindigt op een t stemloze medeklinker, uit meerdere lettergrepen bestaat en de klemtoon valt op de laatste lettergreep, wordt het aan het volgende woord vastgeplakt met een tussenklank: to’maat – e – puree versus ‘houtrot – bestrijding.
- Als het eerste woord eindigt op een stemhebbende medeklinker, ook wanneer die zijn stem verloren heeft omdat-ie aan het einde van een woord staat (bijvoorbeeld de ‘d’ in ‘paard’), wordt het aan het volgende woord vastgeplakt met een tussenklank.